“Verloskundigen zijn een bepaald soort menstype” vindt Hanneke Wijma (61), dit jaar 40 jaar werkzaam als verloskundige. “Zet twee verloskundigen in een ruimte en ze praten alleen maar over hun vak. En ze zijn ontzettend eigenwijs. Dat moet ook wel; je moet in je vak beslissingen nemen, acuut handelen en innovatief zijn.”

Hanneke is zelf moeder van drie kinderen, over een paar maandjes voor de eerst keer oma en woont al jaren in een woonark in Vreeswijk. Op de eettafel liggen tientallen foto’s van vroeger. “Wat gaat de tijd ontzettend snel, sommige foto’s kan ik herinneren als de dag van gisteren”.

Hoe zag je leven er precies 40 jaar geleden uit?
“Ik was toen 21 jaar en had de Kweekschool voor Vroedvrouwen in Amsterdam afgerond. Ik kon gelijk aan de slag als waarneemster en belandde na twee jaar in Papendrecht waar ik een duo-praktijk startte. Dit was ene kleine praktijk waar iedereen elkaar kende. Na vijf jaar vertrok ik naar Zeist waar ik bij een praktijk kon gaan werken. Daar bleef ik zeven jaar en nam toen tijd om met mijn man naar o.a Colombia te reizen. Daar komen onze twee adoptiezonen vandaan. We wilden graag een groot gezin en een kans geven aan kindjes zonder ouders. We kregen zelf nog een dochter en hebben ook nog een jaar een pleegkindje in huis gehad. Daarnaast hadden we op een gegeven moment zelfs een nest puppy’s in de woonkamer, maar het paste allemaal! Ik heb dankzij onze lieve au-pair altijd gewoon kunnen werken en zit inmiddels al 26 jaar bij De Lekbrug.”

Hoe ziet je werkweek er nu uit?
“Ik werk ongeveer vier dagen per week – twee spreekuren, twee diensten en een dienst bij het Hofpoort Ziekenhuis. Mijn voorkeur ligt in de eerstelijn, maar in het ziekenhuis leer je ontzettend veel nieuwe vaardigheden en blijf je up-to-date over bijvoorbeeld de protocollen. Bovendien werk je in een team en krijg je te maken met acute opvang. De combinatie is voor mij perfect.”
hanneke003

Wat zijn de verschillen met 40 jaar geleden en nu?
“Er waren vroeger veel meer solo- en duopraktijken. Je kende de mensen goed en het was vooral ongecompliceerder. Waar men vroeger gewoon aannam wat je zei, is dat nu veel meer een samenwerking; mensen zijn kritischer en lezen veel op internet. Met de opkomst van poliklinisch bevallen en het gebruik van pijnbestrijding merk je dat veel vrouwen tegenwoordig niet meer zo onbevangen zijn als vroeger. Hierdoor komt het natuurlijke baringsproces echt in de knel. Dit zie je ook bij stuitligging bijvoorbeeld. Vroeger draaiden we de baby gewoon in onze praktijk. Dat ging heel zachtaardig, geen hartfilmpjes maar gewoon goed voelen en in de meeste gevallen lukte het dan ook. En in de gevallen dat het niet lukte, werd het gewoon een stuitbevalling. Dit proces is tegenwoordig veel medischer en eindigt vaak in een keizersnede.
Ook de vraag om pijnbestrijding is toegenomen. Om pijnstilling te voorkomen ben ik nu ook veel bewuster aanwezig bij de cliënt. Hoe meer je aan haar bed staat, hoe groter de kans is dat ze de bevalling aan kan zonder pijnstilling.
Daarnaast speelt tegenwoordig het verkeer een grotere rol, vandaar ook de opkomst van kraamsuites, of kraamhotels. Ik maak ook ruimere schattingen als ik verwacht een file tegen te komen.”

Wat is het beste advies wat ooit hebt gekregen?
“Luister naar de vrouw. Ik heb in al die jaren gemerkt dat zwangere vrouwen uitstekend aanvoelen als er iets aan de hand is. Vaak zit er een verhaal achter een verhaal, dus je moet altijd goed luisteren. Door de Ecidence-based methode te gebruiken, kijk je naar zowel wetenschappelijke informatie, eigen ervaring en de informatie van je cliënt. En je neemt de cliënt hierbij altijd serieus.”

Wat maakt je een goede verloskundige?
“Verloskundige, of vroedvrouw is echt een roeping. Je bent altijd met je vak bezig en je bent daar het type voor of niet. En eigenwijs, in de letterlijke zin. De oude Grieken hadden al ‘Wijze Vrouwen’ om het bevallingsproces te begeleiden en ook in de bijbel lees je in Exodus over twee vroedvrouwen die opstaan tegen Herodus om joodse jongetjes te redden van de dood. Ook op het speldje wat je draagt als leerling van de kweekschool voor vroedvrouwen staat een wijze uil.
Je moet daarnaast ontzettend veelzijdig zijn, innovatief en echt over de grenzen van je eigen vak kijken. Bij de Lekbrug starten we bijvoorbeeld met een Centered Pregnancy groep, maken we gebruik van homeopathische korrels, hebben we een collega die Hypnobirthing cursus geeft, maken zelf de echo’s, begeleiden studenten en kunnen zelf versies uitvoeren. Op deze manier blijven we openstaan voor nieuwe ontwikkelingen. Het team is ook ontzettend belangrijk; respect hebben voor elkaar en elkaars specialiteit. Dit geldt natuurlijk ook voor kraamzorgbureaus met je wie je vaak samenwerkt, vandaar dat wij ook hier een samenwerking zijn aangegaan. Hoe korter de lijntjes, hoe effectiever je kunt werken.”

Welke ervaring is je het meest bijgebleven?
“Dat was een vrouw in Zeist, op het punt van de bevalling van haar vierde kindje. Ik kwam daar om 13:00, ze deed zelf de deur open en wilde eerst met me lunchen. Toen vroeg ze: ‘”Ga je mee naar boven?” .
Daar bleek ze 8 cm ontsluiting te hebben. Ze begon te persen, haar vliezen braken en toen was het kindje er. Dat is me altijd bijgebleven; het ging zo gemakkelijk en rustig. Ik hoefde er niets voor te doen. Zo kan het dus ook gewoon.”